De rouwkalender heeft geen datum en kan op iedere dag starten. Wij raden aan de rouwkalender niet al direct na het overlijden te gebruiken, maar na zo’n 3 à 4 maanden (later kan natuurlijk ook). De rouwkalender heeft 420 velletjes. Ze zijn er om te verscheuren zoals verdriet verscheurt. Het zijn er meer dan 365. Daarmee ontkracht de rouwkalender het cliché dat rouwen een jaar duurt. Rouwen duurt net zolang als een rouwende daarvoor nodig heeft.

De rouwkalender is ingedeeld in categorieën. Iedere categorie heeft zijn eigen traan. Iedere categorie ‘geeft’ de rouwende iets anders. Informatie, een boek om te lezen, muziek om te beluisteren, diepgang, een website om te bezoeken, vragen om te beantwoorden, zinnen om af te maken en humor. De teksten zijn verspreid over de kalender op een manier die past bij het rouwproces. Iets wat vooral in het begin speelt, staat in het begin. Iets wat meer aan het eind speelt, aan het eind.

Een rouwende krijgt clichés te horen van mensen om zich heen waar hij vaak niks mee kan. Veel van deze adviezen worden in deze scheurkalender op de hak genomen om zo de rouwende een hart onder de riem te steken. De kalender brengt de realiteit van iedere dag uit het leven van een rouwende onder woorden. Dat geeft erkenning, dát geeft steun. Rouwen is en blijft een zware dobber. De rouwkalender kan dat wat lichter maken. Door te relativeren. Door te laten zien dat er mag zijn wat er is; verdriet, maar ook plezier. Door bespreekbaar te maken wat vaak onbesproken blijft voor en tussen mensen. En eigenlijk om tegen iedereen te zeggen: Dood is doodgewoon, alleen kunnen wij er niet aan wennen.

De rouwkalender is fijn om te hebben, én fijn om te geven als je even niet weet wat je moet zeggen of doen.

 

Hans en Leoniek spraken bij Spijker met koppen. Luister hieronder naar het interview.

Leoniek sprak ook bij Tijd voor Max. Bekijk de volledige aflevering.

.